Te lang lag een vrouw onder te sterke lampen in een zonnestudio. Die is volgens haar dan ook aansprakelijk voor haar letselschade. Maar deskundigen vertellen een heel ander verhaal.
Een vrouw bezoekt een zonnestudio en loopt daarbij letselschade (brandwonden) op. Zij eist een schadevergoeding. Volgens de rechtbank Den Haag heeft zij een punt. Gezien haar huidtype heeft de studio haar te lang onder een zonnebank laten liggen en was de straling te sterk (‘de bruiningsduur is ruimschoots overschreden’, twintig in plaats van zes minuten). Zeker weten dat de zonnestudio aansprakelijk is doet de rechtbank niet, daarom mag de zonnestudio bewijs leveren om het tegendeel aan te tonen.
Bewijsvermoeden
Hoewel de zonnestudio wordt geconfronteerd met een bewijsvermoeden, betekent dit niet dat op haar ook het bewijsrisico komt te rusten. Zij zal in beginsel niet hoeven te bewijzen door welke oorzaak de schade is ontstaan. De zonnestudio kan volstaan met het ontkrachten van het vermoeden zodat voldoende onzeker wordt dat de schade door een toerekenbare tekortkoming is ontstaan. Kortom: het bewijsvermoeden wordt ontzenuwd als voldoende twijfel wordt gezaaid. In dat geval herleven de normale bewijslast en het bewijsrisico voor de vrouw.
Crèmes of lotions
Een arts – gepromoveerd op dit type letsel – acht het hoogstwaarschijnlijk dat de oorzaak niet alleen door UV-blootstelling in de zonnebank kan worden verklaard. Te lang onder te sterke lampen kan niet de enige oorzaak zijn van de tweede- en derdegraads brandwonden over 30 procent van haar lichaam. Wat een rol heeft gespeeld: het gebruik van crèmes of lotions die de huid overgevoelig maken voor UV-licht. De medisch adviseur van de zonnestudio wijst erop dat deze arts veel meer kennis heeft dan een gemiddeld dermatoloog of (plastisch) chirurg over effecten van UV-straling op weefsel: hij is bij uitstek deskundig te noemen. Omdat bepaalde lichaamsdelen niet zijn aangetast, heeft de vrouw zelf middelen aangebracht die ze had meegenomen. De schade kan niet (alleen) door UV-straling zijn veroorzaakt, omdat die straling ophoudt zodra de bron is weggenomen. Snel daarna zou genezing moeten optreden. Bij de vrouw ontstonden na ruim tien dagen nog nieuwe blaren.
Voldoende onzeker
Voor de rechtbank is met deze rapporten voldoende onzeker geworden dat de schade door een toerekenbare tekortkoming van de zonnestudio is ontstaan. In de rapporten staat namelijk dat en waarom er geen sprake kan zijn van alleen door UV-straling veroorzaakte schade. Dit ontzenuwt het bewijsvermoeden voldoende.
Deskundigenkosten
Nu het tegenbewijs is geleverd, is de zonnestudio niet aansprakelijk voor de letselschade van de vrouw. Zij moet de proceskosten betalen, maar niet de deskundigenkosten die zijn gemaakt door de zonnestudio – omdat de zonnestudio die niet expliciet heeft gevorderd.
