Wel family life, toch geen omgangsregeling tussen grootmoeder en kleinkinderen

23 januari 2024 | Personen- en familierecht

Een grootmoeder wil omgang met haar kleinkinderen. Hoewel het gerechtshof vaststelt dat er sprake is van ‘family life’, is een omgangsregeling niet goed voor de kinderen.

Een gescheiden vrouw heeft twee minderjarige kinderen. Beide kinderen zijn uit huis geplaatst en verblijven in een pleeggezin. De grootmoeder (de moeder van de moeder) wil graag omgang met haar kleinkinderen. Om dat te bereiken is zij een gerechtelijke procedure gestart, maar de rechtbank heeft haar niet-ontvankelijk verklaard. Bij het gerechtshof ’s-Hertogenbosch probeert zij alsnog een omgangsregeling af te dwingen.

Contact

De grootmoeder wijst erop dat zij gedurende langere periodes en met grote regelmaat de kinderen heeft opgevangen als de moeder ziek was. Zij verbleef dan steeds anderhalve week in het gezin om voor de kinderen te zorgen. Ook nam zij hen tijdens de coronapandemie mee naar het huis van haar partner om ervoor te zorgen dat de kinderen konden deelnemen aan het door de school geboden thuisonderwijs. De grootmoeder heeft de kinderen sinds hun uithuisplaatsing niet meer gezien. Het laatste fysieke contact vond jaren geleden plaats. De ouders stellen dat het contact minder was dan de grootmoeder beweert.

Family life

Op grond van de wet heeft een kind recht op omgang met zijn ouders en met degene die in een nauwe persoonlijke betrekking tot hem staat. Een familierechtelijke betrekking op zich is niet voldoende om te spreken van ‘family life’ – daarvoor moet het contact intensiever zijn. Dat is hier het geval, vindt het hof, die meer geloof hecht aan het verhaal van de grootmoeder dan aan de tegenwerpingen van de ouders. Dat blijkt ook uit het feit dat bij een eerdere uithuisplaatsing de kinderen bij de grootmoeder hebben gewoond. Dit contact is ‘frequenter en omvangrijker’ dan het gewone contact tussen een grootouder en een kleinkind.

Ontvankelijk

Een kind heeft bij de identiteitsontwikkeling in beginsel belang bij het opbouwen van banden met naaste familieleden. Nu er sprake is van een zodanige band tussen de grootmoeder en kleinkinderen (‘family life’), is de grootmoeder ontvankelijk in haar verzoek om een omgangsregeling. ‘Ontvankelijk’ betekent dat de grootmoeder om een omgangsregeling mag vragen. Dat betekent nog niet dat er een omgangsregeling komt.

Belang van de kinderen

Het hof constateert dat de kinderen in het pleeggezin enigszins tot rust zijn gekomen. Ze hebben wekelijks contact met hun moeder en het contact met de vader is ook weer opgestart. Ook zijn zij druk met school en hun hobby’s. Hoewel de grootmoeder een belangrijk persoon is (geweest) in het leven van de kinderen, kan er geen omgang zijn zolang de relatie tussen de moeder en de grootmoeder is verstoord. Voor de kinderen moet het dagelijkse ritme, met contact met hun ouders, voorop staan. Nu is het nog te vroeg om een omgangsregeling vast te stellen tussen de grootmoeder en de kinderen. In het belang van de kinderen wordt het verzoek van de grootmoeder afgewezen.

ECLI:NL:GHSHE:2023:4269

Bron:Gerechtshof ‘s-Hertogenbosch| jurisprudentie| ECLI:NL:GHSHE:2023:4269 200.326.031_01| 20-12-2023