Na een echtscheiding zijn kleinkinderen veel bij hun grootouders. De vader, inmiddels weduwnaar, wil dat ze bij hem komen wonen. Het gerechtshof stelt hem deels in het gelijk.
Een echtpaar heeft drie minderjarige kinderen. Na hun scheiding oefenen vader en moeder samen het ouderlijk gezag over hen uit. De kinderen woonden bij hun moeder, er was een zorgverdeling voor omgang met de vader. Toen de moeder ziek werd, verbleven de kinderen bij hun grootouders. Sinds het overlijden van de moeder heeft de vader van rechtswege alleen het ouderlijk gezag. Hij wil dat de kinderen bij hem thuis komen wonen – iets wat de grootouders (van moeders kant) niet willen.
Omgangsregeling
De vader legt de kwestie voor aan de voorzieningenrechter. De grootouders willen op hun beurt dat de kinderen aan hen worden toevertrouwd, met een voorlopige omgangsregeling met de vader – mét een dwangsom. De vader wint deze zaak. Wel kunnen de kinderen van woensdagmiddag tot donderdagochtend en in het weekend bij de grootouders verblijven, zo bepaalt de rechter. De vader wil dat deze omgangsregeling van tafel gaat en tekent hoger beroep aan bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden.
Veiligheid
Het hof volgt het advies van de Raad voor de Kinderbescherming en oordeelt dat de verblijfplaats van de kinderen niet hoeft te worden gewijzigd. Ze kunnen bij hun vader blijven, hun veiligheid is niet in het geding. Daarom is voorlopige toevertrouwing van de kinderen aan de grootouders niet nodig.
Persoonlijke betrekking
Wel is duidelijk dat de grootouders al lang een relevante rol spelen in het leven van de kinderen. Nadat de ouders uit elkaar gingen hebben zij enkele maanden met hun moeder bij de grootouders ingewoond. Zij ondersteunden de moeder bij de opvoeding, ook tijdens het ziekbed van de moeder. Er is dus, zo stelt het hof, een nauwe persoonlijke betrekking tussen grootouders en kinderen.
Belang van de kinderen
Daarom is omgang tussen de grootouders en de kinderen in het belang van de kinderen. Hun levens zijn in korte tijd volledig op hun kop gezet. Om hun rouw een plek te geven hebben zij baat bij een zo groot en liefdevol mogelijk netwerk – de grootouders kunnen dat bieden. Een regeling is nodig omdat de verhouding van partijen zodanig is verstoord dat zonder regeling geen omgang zal plaatsvinden.
Dwangsom
Maar de huidige regeling bevat te veel wisselmomenten, wat bij de kinderen voor onrust zorgt. Een weekend per twee weken – van vrijdag uit school tot maandag naar school – bij de grootouders is beter. Gedurende vakanties blijft de weekendregeling in stand. Ook legt het hof vast wie de kinderen naar de andere partij brengt of daar ophaalt. Omdat de vader zich tot op heden niet heeft gehouden aan eerdere uitspraken en omgangsregelingen, zet het hof daar een dwangsom op: € 250 per dag, tot een maximum van € 5.000
