Alleen ‘belanghebbenden’ kunnen zich verzetten tegen de gerechtelijke vaststelling van het vaderschap. Dat zijn bijvoorbeeld afstammelingen van de vader, maar een nieuwe partner van de vader is dat niet.
Een vrouw en een man hebben een affectieve relatie met elkaar gehad en drie jaar samengewoond. De moeder heeft een zoon, die niet door de man is erkend. De rechtbank heeft in 2023 op verzoek van de zoon vastgesteld dat de man zijn vader is. Een jaar daarvoor is deze man overleden. Op dat moment was hij getrouwd met een andere vrouw. In de rechtbankprocedure wilde deze vrouw zich verzetten tegen de gerechtelijke vaststelling van het vaderschap, maar zij werd niet als belanghebbende aangemerkt. Nu stapt deze weduwe naar het gerechtshof ’s-Hertogenbosch om te eisen dat het verzoek tot vaststelling van het vaderschap alsnog wordt afgewezen.
Belanghebbende
De vraag is of deze weduwe, die getrouwd was met de vader van de zoon, nu wel ontvankelijk is. In de wet staat dat in dergelijke zaken alleen ‘belanghebbenden’ hoger beroep kunnen instellen. Dat zijn degenen op wiens rechten of verplichtingen de zaak rechtstreeks betrekking heeft. Deze vrouw stelt dat zij enig erfgenaam van de man en executeur-testamentair is, en dat zij door de uitspraak van de rechtbank rechtstreeks in haar belangen wordt geraakt.
Procesreglement
In het Burgerlijk Wetboek staat dat het ouderschap van een persoon, zelfs als deze is overleden, kan worden vastgesteld op de grond dat deze de verwekker is van het kind, of op de grond dat deze als levensgezel van de moeder heeft ingestemd met een daad die de verwekking van het kind tot gevolg kan hebben gehad. Het verzoek tot vaststellen van het ouderschap kan worden gedaan door de moeder. Is het kind 16 jaar of ouder, zoals in deze zaak, dan kan het kind dit zelf doen. Rechtbanken hanteren bij dit soort procedures een procesreglement. Daarin staat dat bij een gerechtelijke vaststelling van het vaderschap (onder meer) als belanghebbende worden aangemerkt de man op wie het verzoek betrekking heeft (de vader dus), of – omdat het verzoek ook een overleden man kan betreffen – zijn afstammelingen. Het gerechtshof gebruikt ook nu dit procesreglement.
Alleen afstammelingen
Deze weduwe is de erfgenaam van de overleden vader van het kind. In het procesreglement wordt een erfgenaam van de aangewezen vader niet als belanghebbende aangemerkt – dat zijn alleen zijn afstammelingen. De weduwe heeft een financieel belang bij de afwijzing van het gerechtelijk vaststellen van het vaderschap van haar overleden man. Maar dat is geen rechtstreeks belang, het is slechts een afgeleid belang. Zij is dus geen belanghebbende en kan het gerechtshof daarom niet vragen de uitspraak van de rechtbank te vernietigen. Het hof verklaart de vrouw niet-ontvankelijk.
