Mentor verzoekt om ontslag door tegenwerking moeder

3 juni 2026 | Personen- en familierecht

Een mentor van een kwetsbare vrouw wordt op eigen verzoek ontslagen omdat zij haar werkzaamheden niet goed kan uitvoeren. De rechtbank Oost-Brabant werkte mee aan het verzoek van de mentor vanwege voortdurende tegenwerking van de moeder van de betrokken vrouw.

De vrouw woont bij haar moeder en staat onder mentorschap. Volgens de mentor heeft de moeder een zeer dominante invloed op haar dochter. De mentor maakt zich zorgen over het welzijn en de ontwikkeling van de vrouw, maar slaagt er niet in om haar zonder aanwezigheid van de moeder te spreken. Ook de beperkte zorg die wordt geboden, zou volgens de mentor worden belemmerd door de houding van de moeder.

Niet uitvoeren

De mentor vindt dat de vrouw beter af zou zijn in een passende woonomgeving waar zij zich verder kan ontwikkelen. Volgens haar staat de moeder dit echter voortdurend in de weg. Ondanks contacten met verschillende instanties, waaronder Veilig Thuis, de GGD en het CIZ, lukt het niet om verandering in de situatie te brengen. Daardoor is de mentor van mening dat zij haar taken niet langer naar behoren kan uitvoeren.

Geen bezwaar

De moeder ziet dat anders. Zij uit op de zitting verschillende zorgen over de dagbesteding, de begeleiding en de huidige mentor. Wel geeft zij aan geen bezwaar te hebben tegen de benoeming van een andere professionele mentor.

Belangen

De rechtbank wijst het verzoek van de mentor toe. Daarbij weegt mee dat alle betrokkenen het erover eens zijn dat de vrouw haar persoonlijke belangen niet zelfstandig kan behartigen en dat professionele begeleiding noodzakelijk blijft. Nadat de moeder de gelegenheid heeft gekregen zelf een andere mentor voor te dragen, maar daarvan geen gebruik maakt, benoemt de rechtbank een nieuwe professionele mentor.

Ondercuratelestelling

Volgens de kantonrechter blijkt tijdens de zitting dat de moeder vooral haar eigen beleving centraal stelt, terwijl de belangen van haar dochter voorop moeten staan. Daarom moet de nieuwe mentor onafhankelijk onderzoeken welke zorg en ondersteuning daadwerkelijk nodig zijn. Mogelijk is een ondercuratelestelling meer geschikt om passende zorg voor de vrouw te realiseren.

ECLI:NL:RBOBR:2026:3610

Bron:Rechtbank Oost-Brabant| jurisprudentie| ECLI:NL:RBOBR:2026:3610 NL:TZ:0000414675:M001| 18-05-2026