Liegen over vertrek bij werkgever is niet netjes maar ook niet altijd onrechtmatig

23 januari 2024 | Arbeidsrecht en sociale zekerheid

Een vrouw, werkzaam voor een bedrijf, richt zelf een concurrerend bedrijf op. Daarover zegt ze niets tegen de bestuurder. Ook liegt ze over haar vertrek bij dat bedrijf. Niet zo netjes, vindt de rechtbank, maar niet onrechtmatig.

Een vrouw werkt enkele jaren voor een bedrijf dat zich bezighoudt met het adviseren over de opslag en het vervoer van gevaarlijke stoffen. Zij werkt daar op basis van verschillende arbeids- en managementovereenkomsten. In feite werd het bedrijf gerund door deze vrouw en de bestuurder.

Managementovereenkomst

In die periode richt zij een eigen bedrijf op, wat een concurrent is van haar opdrachtgever. Tijdens een gesprek met de bestuurder zegt de vrouw dat zij haar werkzaamheden wil beëindigen, en daarvoor de managementovereenkomst wil opzeggen. De vrouw spreekt niet over de oprichting van haar eigen bedrijf. Dat laatste vindt de bestuurder – als hij dat ontdekt – onrechtmatig, en stapt daarvoor naar de rechtbank Noord-Holland.

Bedrog

Die moet beoordelen of het onrechtmatig is dat de vrouw tijdens het gesprek heeft verzwegen dat zij een concurrerende onderneming is gestart, en over de opzeggingsreden heeft gelogen. Tijdens het gesprek heeft de vrouw gezegd dat zij de managementovereenkomst wil beëindigen om gezondheidsredenen. Dat geloofde de bestuurder en hij vond het goed dat de vrouw klanten en relaties van het huidige bedrijf over haar vertrek zou informeren. Maar die afspraak is tot stand gekomen onder invloed van bedrog en misbruik van omstandigheden, stelt de bestuurder. Dat maakt het verzwijgen van de oprichting van het nieuwe bedrijf en het liegen over de opzeggingsreden onrechtmatig.

Opzeggingsgrond

Daar is de rechtbank het niet mee eens. Het was misschien onfatsoenlijk van de vrouw om niets tegen de bestuurder te zeggen over de oprichting, en het is niet netjes om over de opzeggingsgrond te liegen, maar dat is nog niet onrechtmatig. Ook al was de vrouw het commerciële gezicht van het bedrijf en was zij wegens haar kennis daar heel belangrijk voor, het stond haar vrij om de bestuurder niet over haar nieuwe onderneming in te lichten. De vrouw hoefde over de opzeggingsreden ook geen open kaart te spelen. Voor een rechtsgeldige opzegging van de managementovereenkomst was helemaal geen opzeggingsgrond vereist.

Concurrentiebeding

De vrouw was niet gebonden aan een relatie- of concurrentiebeding. Klanten en relaties van het bedrijf konden dus hoe dan ook door de vrouw worden benaderd. Dat het bedrijf door het vertrek van de vrouw klanten heeft verloren zegt volgens de rechtbank niets. Veel klanten van het bedrijf waren immers al klant van de vrouw voordat zij klant van het bedrijf werden. Het was vrij logisch dat zij met de vrouw zouden meegaan. Van onrechtmatig handelen door de vrouw is geen sprake.

ECLI:NL:RBNHO:2023:11713

Bron:Rechtbank Noord-Holland| jurisprudentie| ECLI:NL:RBNHO:2023:11713| 14-11-2023