Een vader wil na vijf jaren opnieuw contact met zijn kind. Maar zolang hij niet zijn best doet om zijn gedrag te verbeteren, zit dat er niet in.
Een man en een vrouw hebben een relatie gehad en hebben samen een minderjarig kind. Het kind woont bij de moeder, die alleen het gezag heeft. De vader heeft het kind erkend, maar heeft het kind sinds 2021 niet meer fysiek gezien.
Contactverbod
Na het einde van de relatie wordt de vrouw door de man bedreigd. De man krijgt daarvoor een strafrechtelijke veroordeling en een contactverbod. De vrouw verblijft daarna enige tijd in een vrouwenopvang. Jaren later probeert de man opnieuw contact te krijgen met het kind. Hij vraagt de rechtbank Zeeland-West-Brabant om een regeling voor videobellen en begeleid contact. Ook vraagt hij om maandelijks informatie en foto’s van het kind te mogen ontvangen.
Onrust
De vrouw verzet zich tegen herstel van contact. Volgens haar is de man nog steeds snel agressief en zorgt zijn gedrag voor onrust en onveiligheid. De Raad voor de Kinderbescherming sluit zich daarbij aan.
Afwijzing
De rechtbank wijst het verzoek voor een omgangsregeling dan ook af. Volgens de rechter is er op dit moment geen veilige basis voor contactherstel. De rechtbank vindt dat de man onvoldoende laat zien dat hij verantwoordelijkheid neemt voor zijn gedrag. Ook heeft de man besloten geen traumatherapie meer te volgen, terwijl hulpverlening volgens de rechtbank juist nodig is.
Intimidatie
Daarnaast weegt mee dat de man opnieuw intimiderende berichten heeft gestuurd aan de vrouw toen het contactherstel niet snel genoeg verliep. De rechtbank ziet hierin een patroon van gedrag waarbij de man moeite heeft om met emoties om te gaan. Volgens de rechter is omgang daarom nu in strijd met de belangen van het kind.
Informatieregeling
De rechtbank vindt wel dat de man recht heeft op informatie over zijn kind. Daarom moet de vrouw hem iedere maand per e-mail informeren over belangrijke ontwikkelingen. Ook moet zij telkens een recente foto sturen. De rechtbank begrijpt de zorgen van de vrouw over haar veiligheid. Daarom mogen partijen hiervoor een apart e-mailadres gebruiken en moet de informatie zo worden gedeeld dat de vrouw niet traceerbaar is. Ook benadrukt de rechtbank dat de man niet inhoudelijk op deze berichten mag reageren.
