Geen kapvergunning voor eik op gemeentegrond, die grenst aan achtertuin

31 oktober 2023 | Bestuursrecht

Een stel koopt van de gemeente een stuk grond, dat grenst aan hun tuin. Een eikenboom die daar vlak achter op gemeentegrond staat, zorgt volgens hen voor overlast en – gelet op de conditie ervan – mogelijk ook voor gevaarlijke situaties. De twee willen dat de boom wordt gekapt, maar krijgen ze daarvoor een vergunning?

Twee mensen kopen van de gemeente een strook grond achter hun huis. Daardoor staat een eikenboom, die op gemeentegrond staat, nu dichterbij hun perceelgrens (ruim een halve meter). Het stel wil dat de boom wordt gekapt. Die verkeert volgens hen in slechte conditie en zorgt voor overlast door afvallende eikels, bladeren en soms takken in hun tuin. De gemeente vraagt daarop een omgevingsvergunning aan bij het college van burgemeester en wethouders, dat het stel een kapvergunning verleent vanwege de kwaliteit van de boom, waaronder de teruglopende vitaliteit.

Belangenafweging

Een instituut voor natuureducatie en duurzaamheid in deze gemeente maakt bezwaar tegen dit besluit van het college, en met succes: de kapvergunning wordt alsnog geweigerd. Het stel gaat in beroep bij de rechtbank en krijgt gelijk. Het college heeft het besluit onzorgvuldig voorbereid door de af te wegen belangen niet volledig te inventariseren en geen afweging te maken tussen alle betrokken belangen, zo concludeert de rechtbank Overijssel. Het besluit was bovendien onzorgvuldig voorbereid nu het stel in bezwaar niet is gehoord. Ook heeft het college het besluit niet goed gemotiveerd. Voorafgaand aan een nieuw besluit op bezwaar zou een nieuwe hoorzitting moeten plaatsvinden, waarvoor het stel, het instituut en de gemeente worden uitgenodigd.

Geen kapvergunning

Er volgt een nieuw besluit, maar ook hierin wordt het bezwaar van het instituut gegrond verklaard; het stel krijgt dus tóch geen kapvergunning. De twee gaan opnieuw in beroep bij de rechtbank Overijssel. Daar voeren ze aan dat hun belangen weer niet zijn geïnventariseerd en dat er geen hoorzitting heeft plaatsgevonden. Ze hebben nooit de kans gehad om een toelichting te geven, wat volgens hen in strijd is met het beginsel van hoor en wederhoor. Verder is het besluit niet goed gemotiveerd.

Zorgplicht

Al bij de grondaankoop hebben ze de wens geuit om de boom weg te laten halen, omdat deze oud en uitgegroeid is en veel overlast geeft, zo lichten ze hun belangen toe. Ze dachten eerst dat de door hen gekochte grondstrook inclusief eikenboom was en dat zij verantwoordelijk waren voor de zorg en het onderhoud ervan. Later bleek de boom op gemeentegrond te staan, dus heeft het college een zorgplicht, maar daar houdt het zich niet aan: de boom zit vol klimop en wordt niet onderhouden door de gemeente. Volgens hen is niet duidelijk hoe er beter kan worden gecontroleerd en in hoeverre dit dan gevaarlijke situaties zou kunnen voorkomen. Het stel zegt ook dat het de tuin niet verder kan herinrichten zolang de boom er staat. Het wil voorkomen dat als de tuin helemaal klaar is de boom vanwege de slechte conditie alsnog om moet, wat schade aan tuin en perceelsgrens zal veroorzaken.

Onzorgvuldig voorbereid

Hoe oordeelt de rechtbank? Volgens de gemeentelijke kapverordening is het verboden zonder vergunning bomen van de gemeente te vellen die dikker zijn dan 30 centimeter. Dat is deze eikenboom en dus is een kapvergunning nodig. Bij de beslissing op de aanvraag daarvan moet een belangenafweging plaatsvinden – dat volgt uit de wet. De rechtbank stelt vast dat er voorafgaand aan het genomen besluit geen belangeninventarisatie en -afweging door het college heeft plaatsgevonden. Evenmin is een nieuwe hoorzitting gehouden waarvoor ook het stel is uitgenodigd. Daarmee heeft het college onvoldoende uitvoering gegeven aan de eerdere uitspraak van de rechtbank. Het besluit is daardoor niet zorgvuldig voorbereid en onvoldoende gemotiveerd. Het beroep van het stel is daarom gegrond. 

Rechtsgevolgen blijven in stand

Maar, zo gaat de rechtbank verder, het stel heeft alles zowel schriftelijk als mondeling op de zitting twee keer kunnen toelichten. De door hen ervaren overlast is bovendien niet zo erg dat het college de eerder verleende kapvergunning in redelijkheid niet alsnog mocht weigeren. Ook zijn er minder ingrijpende maatregelen dan de kap om de overlast te beperken, bijvoorbeeld door takken te snoeien. En de boom stond ook voor de aankoop van de strook grond al dichtbij de erfgrens (zo’n 1,5 meter), zodat de afvallende eikels, bladeren en takken in de tuin er toen ook al waren. Verder heeft het stel niet aangetoond dat de boom meer dan gebruikelijke risico’s voor de omgeving oplevert. Daar komt bij dat de boom wordt opgenomen in het gemeentelijk onderhoudsprogramma, waardoor hij beter in de gaten zal worden gehouden. Dit alles maakt dat de rechtbank vindt dat de rechtsgevolgen van het vernietigde besluit in stand moeten blijven. Het college mocht dan ook het belang van het behoud van de boom zwaarder laten wegen dan de belangen van het stel bij de kap. De eik blijft overeind.

ECLI:NL:RBOVE:2023:4062

Bron:Rechtbank Overijssel| jurisprudentie| ECLI:NL:RBOVE:2023:4062| 27-10-2023