Een onenigheid over een tweedehands auto belandt bij de geschillencommissie. Een van de partijen is het niet met het bindend advies eens, omdat er geen hoor en wederhoor zou zijn gepleegd. Maar de rechtbank oordeelt dat de commissie niets valt te verwijten.
Een vrouw verkoopt haar auto voor € 29.400. Twee maanden later laat de lak op de motorkap los. Via een garage ontdekt de koper dat de auto in het verleden beschadigd is geraakt en daarna opnieuw is gespoten. De koper wil dat de verkoper de auto terugneemt, maar die wil dat niet.
Verhinderdata
Dan wendt de koper zich tot de Geschillencommissie Voertuigen met het verzoek de koopovereenkomst te ontbinden: de auto is immers ‘non-conform’. De verkoper geeft verhinderdata voor een online hoorzitting door. Desondanks verklaart de geschillencommissie op een verhinderdag (in een bindend advies) de koopovereenkomst ontbonden. Vervolgens wil de verkoper dat de rechtbank (Overijssel) dit bindend advies vernietigt. Zij meent dat de geschillencommissie het beginsel van hoor en wederhoor heeft geschonden door de zitting te plannen op een dag dat zij en haar advocaat verhinderd waren.
Ernstig gebrek
In 2009 oordeelde de Hoge Raad dat alleen ernstige gebreken die aan de inhoud of de totstandkoming van een beslissing van een geschillencommissie kleven ertoe kunnen leiden dat het niet redelijk en billijk is om de verkoper aan die beslissing te houden. Is in deze zaak hoor en wederhoor niet goed toegepast, zodat dit een ‘ernstig gebrek’ oplevert? Onlangs oordeelde het gerechtshof Amsterdam dat het beginsel van hoor en wederhoor zo fundamenteel is dat met een schending van dat beginsel tot stand gekomen beslissing vernietigbaar is. Hoe pakt dat in deze zaak uit?
Geen servicegerichtheid
De verkoper had haar standpunt in een brief naar voren gebracht, en zij heeft gereageerd op documenten die de koper na zijn inleidende klacht aan de geschillencommissie heeft gestuurd. Dat de geschillencommissie niet reageerde op de verhinderdata geeft geen blijk van servicegerichtheid, vindt de rechtbank. Aan de andere kant: de geschillencommissie heeft niet om verhinderdata gevraagd. Toen de verkoper geen reactie kreeg van de commissie had zij daarover kunnen informeren. Verder heeft de verkoper schriftelijk verweer gevoerd in de procedure bij de commissie.
Hoor en wederhoor niet geschonden
Al met al komt de rechtbank tot de conclusie dat in de procedure bij de geschillencommissie het beginsel van hoor en wederhoor niet is geschonden. Van een ernstig gebrek dat kleeft aan de totstandkoming van de beslissing van de geschillencommissie is geen sprake. Ook inhoudelijk volgt de rechtbank de geschillencommissie: de auto had een schadeverleden, de verkoper had de koper daarover niet ingelicht. Daarmee beschikte de koper over een auto die niet de eigenschappen had die hij daarvan mocht verwachten (‘non-conform’). De rechtbank wijst de vordering van de verkoper af. De verkoopovereenkomst – al ontbonden door de geschillencommissie – blijft ontbonden.
